Verhalen in de zorg
Ervaringsverhaal kleinschalige woonvoorziening

De spreekbeurt van Jasmijn

Ik werk nog snel mijn mascara bij en doe wat gel in m’n haar. Kijk in de spiegel en zie rode vlekken in m’n hals. Voel dat m’n knieën bibberen en haal een paar keer diep adem. Zo meteen heb ik een spreekbeurt bij Nederlands. In het eerste jaar van de mavo heb ik ook een spreekbeurt gehouden, maar dat ging over basketbal. Een veilig onderwerp. Nu gaat het over mijzelf, ons gezin en de manier waarop wij wonen. Ik vind het spannend en vraag me af hoe de meiden en jongens uit mijn klas zullen reageren. Gaan ze me uitlachen, belachelijk maken of vinden ze me juist stoer? Ik hoop dat ze straks begrijpen waarom ik nog nooit iemand heb meegenomen naar huis.

“Beste klasgenoten, ik ga jullie vertellen over de mensen met wie ik woon. Net als jullie heb ik een vader en een moeder. Ik heb ook een jonger broertje. Maar in ons huis wonen we niet met z’n vieren, maar met twaalf mensen. Die andere acht bewoners zijn mensen met een verstandelijke beperking die soms ook een lichamelijke handicap hebben.

In ons huis heb ik een eigen kamer met posters van One Direction en Mainestreet. M’n knuffels heb ik vervangen door gezellige kussens en bij de wastafel staat een plankje met mijn verzameling make up. We hebben met z’n vieren een kleine woonkamer waar we tv kijken en kunnen relaxen. In de praktijk zitten we hier alleen op zondagavond samen.Vanuit onze de keuken kom je in het washok. Dat washok delen we met alle bewoners van ons huis. Van daaruit kom je in de gemeenschappelijk ruimte. Daar staan gezellige stoelen, banken en er liggen veel kussens. Ook is er een grote tafel waar we met z’n allen eten, kletsen en koffie drinken. De de mediterane kleuren heeft ons huis een warme mediterane sfeer. Er hangen veel vakantiefoto’s en familieportretten aan de wand. Alle bewoners hebben een eigen kamer die ze samen met hun familie hebben ingericht. Ik vind het zelf heel grappig om het verschil te zien: de een heeft zo’n ouderwetse eikenhouten kast, een ander spullen van de Ikea en weer een ander heeft zo’n typische Indiase inrichting met veel spiegels en boeddha’s. Mijn moeder vertelt altijd dat ze vroeger droomde van zo’n groot gezin als in die oude film ‘The sound of music’. Ze zag veel kinderen voor zich die altijd samen optrekken. Daarom zijn ze toen ik geboren ben, een huis gestart waar mensen met een handicap kunnen wonen. Zo heeft mijn moeder haar grote gezin gekregen en werkt ze nu samen met mijn vader zowat dag en nacht. Aan de ene kant is het heel gezellig dat er altijd zoveel mensen zijn. Zo kwamen ze op de basisschool ook gewoon mee naar de weeksluiting als ik daar een rol in had. En ik heb natuurlijk altijd mensen om mee te kletsen en m’n vader en moeder zijn altijd in de buurt. Soms baal ik er ook wel van.

Dan wil ik gewoon een klein gezin zoals de meesten van jullie hebben. Met een grotere eigen plek en een vader en moeder die ’s avonds gewoon vrij zijn. Nu loopt alles altijd door elkaar en soms gaat het gewoon te ver. Zo had ik laatst een lekke band en toen vond mijn vader dat ik wel met het gehandicaptenbusje mee kon naar school. Nou dat dacht ik dus echt niet! Ik was hartstikke bang dat jullie me zouden uitlachten.

Ik merk aan mijn ouders dat ze zich zorgen maken voor de toekomst van ons huis. Ze krijgen geld vanuit het persoonsgebonden budget van de bewoners, maar die manier

van financieren staat onder druk. Daarbij moeten ze ook veel kosten betalen voor de organisatie waar we onderdeel van zijn en voor de verzorgenden die bij ons werken. Mijn vader is echt zo’n manusje van alles: hij doet de boekhouding terwijl dat helemaal niet zijn ding is, hij is verzorger van de bewoners, tuinman en loopt vaak als een politieagent de boel te regelen. Mijn moeder stuurt de huishouding aan, kookt, regelt de was en houdt contacten met familie en instanties. Eigenlijk zijn mijn vader en moeder 24 uur per dag aan het werk. En dat is echt niet altijd fijn.”

Pff, wat ben ik opgelucht! De reacties op mijn spreekbeurt zijn zo tof! Een paar meiden willen graag met mij naar huis om te zien hoe ik woon. En de jongens reageren ook heel lief. Nu ga ik eerst mijn ouders appen om te zeggen hoe goed het ging.

Dit ervaringsverhaal is geschreven naar aanleiding van een werkbezoek van Annelies Versteegden, bestuurder van Vilans  - kenniscentrum voor de langdurende zorg.

 

Terug
Delen

De kracht van verhalen

Op het werk, in de supermarkt en bij het kampvuur vertellen we elkaar verhalen. Zo raken onze levens aan elkaar. Groots en meeslepend of schijnbaar eenvoudig en alledaags. 

Ontdek waarom verhalen zo krachtig zijn....

-->